Met liefde bezien, kritisch besproken

De apostolische eed

D

Door Rob Tijdeman

Twee herinneringen aan een eed:

  1. Het is 1975. Ik ben door de koningin tot hoogleraar benoemd. Ik heb een afspraak met de voorzitter van het College van Bestuur.[1] “Wilt u de eed afleggen of de belofte?” Ik kies voor de belofte, want het ‘Zo helpe mij God almachtig’ klopt niet met mijn godsbeeld dat ik persoonlijk hulp van Hem zou kunnen krijgen. Ik leg de belofte af.
  2. Een kerstspel over de legende van Willem Tell, met de beroemde scene van de appel die hij met pijl en boog van het hoofd van zijn zoon afschiet waarmee hij hun levens redt. Een andere scene is me bijgebleven: Willem Tell en 32 medestrijders leggen een eed van trouw af voor de vrijheidsstrijd van de drie kantons Uri, Unterwalden en Schwyz, het begin van Zwitserland. In het kerstspel werd deze daad vergeleken met de confirmatiebelofte.

Een eed of belofte kan een wettelijke basis hebben. Zo worden bij een parlementaire enquête verklaringen onder ede afgelegd. Onwaarheden die dan verteld worden wegen daardoor wettelijk zwaarder. Een eed hoeft echter geen juridische consequenties te hebben. Medisch studenten leggen een eed of gelofte af op het moment dat zij hun artsbevoegdheid krijgen. Dit heeft geen juridische betekenis. De artseneed van de KNMG en VSNU begint als volgt:
“Ik zweer/beloof dat ik de geneeskunst zo goed als ik kan zal uitoefenen ten dienste van mijn medemens. Ik zal zorgen voor zieken, gezondheid bevorderen en lijden verlichten.
Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal aan de patiënt geen schade doen. Ik luister en zal hem goed inlichten. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd.” [2]

Zo zou ik mijn confirmatiebelofte willen beschouwen: als een belofte om een bepaalde levensstijl na te streven. Of liever nog een eed. Een belofte doe je aan een mens, een eed of gelofte gaat dieper. Dat doe je aan God, je bestaansgrond, het diepste van je zijn

Als ik op de website van het ApGen probeer te achterhalen wat confirmatie op het ogenblik inhoudt[3], raak ik in verwarring. Ik lees “Het zelfstandig lidmaatschap wordt ontkoppeld van de confirmatiebelofte.” De reden: “Confirmatie houdt een belofte aan jezelf in.” Even verder: “Confirmatie is een persoonlijk moment, een kostbaar en gewijd moment waarop je kenbaar maakt: “ik wil mijn leven wijden aan …” Je belooft jezelf, te willen leven naar het apostolische ideaal.” Maar ook: “De apostel en de confirmant gaan een verbond aan, waarin ze hun wederzijdse verbondenheid en erkenning voor elkaars betekenis en plaats in ons Werk tot uitdrukking brengen.” en ook nog: “Als aan de confirmatie geen omzetting in zelfstandig lidmaatschap vooraf is gegaan, is in de heilshandeling tevens het lidmaatschap vervat.” Je doet dus een belofte aan jezelf, gaat tegelijkertijd een verbond aan met de apostel en je wordt zelfstandig lid van het Apostolisch Genootschap. Dat is geen ontkoppeling!

Een bijkomende vraag betreft de tijdschaal. Het Apostolisch Genootschap verandert in de loop van de tijd. Vroeger was de confirmatie een belofte voor het leven, maar het gebeurt dat na verloop van tijd het genootschap een geconfirmeerde niet meer past. Hij zal dan zijn lidmaatschap opzeggen. Vervalt dan ook het verbond met de apostel en de vervalt de belofte aan hemzelf? Het eerste lijkt voor de hand te liggen, maar het opzeggen van het lidmaatschap hoeft toch niet in te houden dat iemands levensstijl verandert.   Ik zou wensen dat iemand dan toch de apostolische levensstijl blijft nastreven.

Mijn voorstel is om tot een echte ontkoppeling te komen waardoor het duidelijk is wat de heilshandeling inhoudt. Ik stel ook voor het woord confirmatie niet meer te gebruiken. Het staat niet in mijn Van Dale en het is ook niet altijd een bevestiging van een eerdere doopbelofte. Ik stel twee vormen voor met elk een heldere inhoud en niet aan elkaar gebonden.

Apostolische eed: Een vaste tekst die voorgelezen wordt, het apostolische ideaal verwoordt, voor het hele leven bedoeld is en bevestigd wordt met de woorden ‘dat zweer ik’ of ‘dat beloof ik’. De plechtige eed of gelofte wordt afgelegd in een passende omgeving die helpt de eed te markeren, het liefst tijdens een aposteldienst.

Lidmaatschap van het Apostolisch Genootschap: Door lid te worden van het Apostolisch Genootschap neemt iemand de verplichting op zich naar vermogen bij te dragen aan het in stand houden en functioneren van de organisatie. Aan het lidmaatschap zijn rechten en plichten verbonden.

[1] Tegenwoordig worden hoogleraren niet meer door het staatshoofd, maar door het College van Bestuur van de universiteit benoemd.

[2]  KNMG.nl -> Nederlandse artseneed

[3] apgen.nl -> zoek: Paasontmoeting 2019 -> Pasen 2019 -> [helemaal onderaan] ‘Verbinding met het genootschap: Confirmatie en zelfstandig lidmaatschap’. Daarvan de delen ‘Confirmatie en lidmaatschap nu’ en ‘Wat verandert er’.

Commentaren

  • Prachtig en krachtig verwoord. De Rütli en de eedgenoten, daar op die berg. Dat maakt ook dat dit me raakt. Een belofte gaat niet verloren na beëindiging van een lidmaatschap en dit geldt dan voor beide kanten.

  • Rob opent het gesprek over de confirmatie. Ik denk terecht ook een belangrijk onderwerp binnen het veranderingsproces wat in het genootschap gaande is.
    Ik kan het niet met hem eens zijn dat confirmatie een eed zou moeten zijn. Het lijkt mij meer een gewetenszaak, waarbij je in de eerste plaats aan jezelf verantwoording schuldig bent. Volgens mij kennen wij als genootschap geen externe instantie meer, die een soort laatste oordeel over ons zou kunnen uitvaardigen. Noch kennen we een soort tuchtrecht, waarvoor je moet verschijnen wanneer je niet voldoet aan je belofte.
    Met geweten bedoel ik dus wel een soort innerlijke instantie, die dieper gaat dan een oppervlakkig vrijblijvend standpunt. Het raakt mijn identiteit en is verbonden met mijn belangrijkste levenswaarden.
    Confirmatie met alleen een belofte aan jezelf maakt van het genootschap een groep pure individualisten. Er moet ook nog iets zijn als een soort sociaal contract, zoals Rousseau als eerste naar voren bracht.
    Het genootschap biedt jou wat aan en jij verplicht je om mee te werken aan het in stand houden en verder ontwikkelen ervan.
    Over de naamgeving ben ik het met Rob eens. Maar dat is van latere orde als duidelijk is geworden wat het precies inhoudt. Ik denk op dit moment bijvoorbeeld aan lidmaatschapsbelofte. Maar dat is nog maar een eerste gedachte.

    • Ad Ed:

      Mijn apostolische eed is een gewetenszaak en geen eed waarbij je aan regels gebonden bent en ter verantwoording geroepen kan worden. Datzelfde geldt voor de door mij aangehaalde voorbeelden. Je kunt er wel niet nakomen, maar hem niet breken. (Denk aan de artsen die voordrongen bij het coronavaccin.) Het blijft een gewetenszaak die je blijft aanklagen als je hem niet nakomt. Ik ben het niet met je eens dat je zo een groep pure individualisten krijgt. Ieder heeft met zijn eigen geweten te maken, en de apostolische eed is juist een eed die tegengaat dat je je als een pure individualist gedraagt.

      Een lidmaatschapsbelofte is een koppeling van een belofte aan het lidmaatschap. Het betekent volgems mij dat je belooft lid te blijven. Voor velen is het lastig om dat te beloven omdat het genootschap in de loop van de tijd sterk verandert en het niet zeker is dat je je ook nog thuis voelt in een nieuwe situatie. Dat betekent niet dat je de apostolische idealen die in je apostolische eed staan niet meer zou volgen. Ik kan me ook goed voorstellen dat iemand die een apostolische opvoeding heeft gehad wel de apostolische eed aflegt, maar geen lid wil blijven. Dat lijkt me niet mogelijk bij een lidmaatschapsbelofte.

  • Een eed, een gewetenszaak of een belofte is een interessante vraag. Het gaat om een ethische afspraak met jezelf. Het raakt de diepte van je Zelf. Over hoe jij met jouw levenshouding in de samenleving wilt staan. Dat gaat over jouw levensvisie. Een verbond met de Apostel is een verbond met die functie. De mens die de functie vervult kan overlijden. De functie blijft vooralsnog. Kun je dan stuk lopen op de Apostel? Nee, niet op de functie maar wel op de persoon die de functie vervult. Bijvoorbeeld bij een verschil van inzicht of een ethisch conflict. In dat geval kun je niet in hoger beroep en kan tijdelijke terugtrekking – in afwachting van een nieuwe persoon waar je het conflict niet mee hebt- de enige oplossing zijn als je er samen niet uitkomt. Omdat alles in ons werk ‘aan de plaats van’ is, voel je dat als een belemmering. Ik beschouw mijn confirmatie als een gewetenszaak die dient om een bepaalde levensstijl na te streven, waarbij je in de eerste plaats aan jezelf verantwoording schuldig bent. Een innerlijke instantie, die dieper gaat dan een oppervlakkig vrijblijvend standpunt. Dat staat voor mij los van een lidmaatschap van het genootschap, want het apostolische werk is groter. Ik stel ook voor het woord confirmatie te vervangen voor (ethische) eed aan de mensheid.

  • Je hebt het mooi verwoord Rob, en menigeen (nou ja, in elk geval mij) weer aan het denken gezet.

    Een ontkoppeling van de mentale en de materiële component vind ik geen goed idee. Een verklaring (dat lijkt me een beter woord dan eed of belofte) dat men in materiële zin het genootschap wil ondersteunen, is in mijn ogen geen basis voor een lidmaatschap. Er hoort een oprecht voornemen bij om te leven vanuit de idealen van het genootschap. Een gemeenschap vormen met mensen die uitsluitend ‘getekend’ hebben voor de materiële component (wat bindt ons dan eigenlijk?) vind ik geen wenkend perspectief.

    Wat volgens mij ter discussie staat is niet zozeer het onderschrijven van de inhoud (idealen), maar de vormgeving ervan, namelijk het creëren van een ritueel (confirmatie). Terwijl ook de rol van de apostel hierin in beweging is. In deze opzichten zijn er varianten denkbaar, die niet afdoen aan de inhoudelijke component van het lidmaatschap van het genootschap. We noemden dit ooit ‘gezindheid’. En dat vind ik nog steeds een mooi woord…

    Uiteraard zijn er tal van mensen die geen binding met het genootschap (meer) willen, maar wel de idealen ondersteunen. Daar kunnen we dankbaar mee zijn, hoe meer hoe liever. Maar of en hoe ze dit willen vastleggen is geen zaak voor het genootschap.

  • Ik vind de échte ontkoppeling die Rob voorstelt een goed idee, maar de gedachte vraagt wel om verdere uitwerking van de consequenties. Zo vraag ik me af of mensen die een “kaal” lidmaatschap hebben, dus zonder apostolische eed, wél geestelijk verzorger of jeugdverzorger kunnen worden. Net zo min als ik me een arts zonder eed van Hippocrates of een politiefunctionaris zonder ambtseed kan voorstellen, kan ik me ook geen geestelijk- of jeugdverzorger voorstellen zonder confirmatiebelofte of apostolische eed.

  • Het is verhelderend dat Rob de dubbelzinnigheid en tegenstrijdigheid in de huidige confirmatiebelofte aan de orde stelt. Bij een ‘belofte aan jezelf’ ontbreekt het transcendente.

    Ik heb zelf wel eens de belofte afgelegd en ook wel eens de eed. Voor beide opvattingen zijn religieuze argumenten aan te voeren: Matth 5: 36-37 ‘Noch bij uw hoofd zult gij zweren, omdat gij niet één haar wit of zwart kunt maken; 37Maar laat zijn uw woord ja, ja; neen, neen; wat boven deze is, dat is uit de boze’ is reden voor Doopsgezinden en Jehovagetuigen om niet te zweren. Je kunt echter heel goed ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig’ ‘apostolisch’ interpreteren. Wie ben ik alleen en uit mijzelf? Ben ik niet diep afhankelijk, ook van mijn medemensen?
    Confirmatie staat wel degelijk in Van Dale. Misschien een echte Dikke Van Dale aanschaffen? Het staat ook in het Woordenboek der Nederlandsche Taal. Nog dichterbij: het staat, met verklaring, ook van confirmant, in Bewogen woorden, te raadplegen op de website van de Van Oosbreestichting. Laten we niet weer een poging doen iets af te knabbelen van de eigen apostolische cultuur. Weggooien is gemakkelijk. Je krijgt het nooit meer terug. Wie geïnteresseerd is in de (hippocratische) artseneed stuur ik graag een artikel daarover dat ik enkele jaren geleden in TROUW publiceerde.

  • Interessant artikel…Ik zou zeggen maak het niet zo zwaar en hou het vooral helder en eenvoudig. Het genootschap is in transitie waarin een orthodoxe benadering niet meer past binnen een religieus humanistische context. Apostolisch, Apostel, Aposteldienst, Apostolische eed, Ons werk. Ik hoop dat deze terminologie toch snel verdwijnt.
    Een lidmaat onderschrijft en confirmeert zich aan de doelstelling en het ideaal van het genootschap en zijn leden om in liefde te werken aan meer menswaardigheid en zelf liefdevol in het leven te staan. In de gemeenschap kan je aan zo’n lidmaatschap prima plaatselijk aandacht en een feestelijk tintje geven.

  • In de praktijk heeft de scheiding tussen confirmatie en lidmaatschap al plaatsgevonden door de mogelijkheid sympathisant te worden. De rechten en plichten van een eventueel lidmaatschap zullen nauwelijks verschillen van die van een sympathisant. Met de confirmatie is iets anders aan de hand: dat is, naast andere aspecten, ook een ritueel. Een ritueel is een gepast antwoord op een mysterie, dat door een groep, een collectief gedragen wordt en betekenis heeft gekregen. Aan rituelen kun je als individu niet knutselen. Dat wordt treffend geïllustreerd door de nieuwste wijziging van de tekst van de rondgang: die brengt alleen maar onder woorden wat allang gemeengoed is in de cultuur van het Apgen, terwijl de rondgang zelf de uitdrukking is van een complex van betekenissen. Zo zullen mét de afschaffing van de naam ‘confirmatie’ alleen al allerlei betekenissen verloren gaan. Het afschaffen van de ‘orthodoxe’ benadering zoals Henk Enkelaar bepleit reduceert juist de religieus-humanistische context tot die van een plaatselijke buurtvereniging.

Met liefde bezien, kritisch besproken

J.H. van Oosbree (1862-1946)

Pagina’s

Verschenen blogs