Met liefde bezien, kritisch besproken

Het Grote Verhaal Door Hans Tiemersma

H

Met enige regelmaat hoor ik in gesprekken een pleidooi voor de terugkeer van het Grote Verhaal binnen het Apostolisch Genootschap. Steevast wordt hierbij aangegeven dat er in het verleden wel een groot verhaal was, terwijl dat nu niet meer het geval zou zijn. Zo’n pleidooi roept bij mij verschillende vragen op. Daar wil ik hieronder op ingaan. Samengevat zijn mijn vragen: wat is een groot verhaal en kun je er vrijblijvend deel van uitmaken?

Allereerst de omschrijving van een groot verhaal. In de regel denken we hierbij aan een zingevingsverhaal dat een grote groep mensen samenbindt, omdat ze erin geloven. Lange tijd had het Christelijke geloof de status van groot verhaal, maar ook het communisme, het oorspronkelijke liberalisme en het socialisme bevatten grote verhalen die mensen inspireerden om volgens een bepaald ideaal te leven. De val van de Berlijnse Muur in 1989 wordt vaak genoemd als beginpunt van het verval van de grote verhalen. Het postmodernisme deed zijn intrede. Individualisering veroorzaakte een beweging waarin het eigen verhaal voorop kwam te staan. Mensen werden zich daarnaast steeds meer bewust van de grote offers in het verleden gebracht om de grote verhalen in stand te houden. Het groepsbelang overheerste vaak het belang van de eenling.

Maar grote verhalen brachten ook stabiliteit en houvast: binnen de kaders van het verhaal wisten mensen waar ze aan toe waren. Een groot verhaal gaat zichzelf versterken, omdat men gaat handelen in het verlengde van een gedeeld ideaal. Aan de ene kant omdat men er zelf in gelooft en aan de andere kant omdat er sprake is van sociale controle. Dat ook binnen het Apostolisch Genootschap sprake was van een groot verhaal moge duidelijk zijn. De broeders en zusters waren sterk gericht op het middelpunt (de apostel), waarbij er sprake was van een gedeelde historie. Aan die gedeelde historie werd groot belang gehecht. Tevens had dit effect op de gemeenschappelijk gevormde waarden en normen.

Het proces van individualisering heeft ervoor gezorgd dat mensen zichzelf als unieke entiteit op de voorgrond zijn gaan plaatsen. Daardoor heeft een versnippering van verhalen plaatsgevonden. Ieders persoonlijke narratief kreeg een belangrijke plaats. Vanuit dit perspectief gezien heeft het grote verhaal – ook binnen het genootschap – een kleinere rol gekregen.

Een groot verhaal is een gedeeld verhaal. Op een bepaalde wijze zal het persoonlijke verhaal dus afgestemd moeten zijn op het grote verhaal. Pas als de individuele waarden en normen van mensen zijn afgestemd op het grote verhaal, krijgt het grote verhaal gewicht. En de vraag is of mensen in de huidige tijd een sterke invloed op hun persoonlijke verhaal nog wel tolereren. Moderne mensen zijn immers zo gewend geraakt aan individualisering, dat het niet vanzelfsprekend is dat ze zich conformeren aan een gedeeld verhaal. De autonomie en de vrijheid die uit het individualisme voortgekomen zijn, worden door velen zeer gewaardeerd. Dan rijst de vraag: zouden het grote verhaal en het individualisme elkaar niet uitsluiten?

Het is een probleemstelling om over na te denken. Sinds enige tijd kent het Apostolisch Genootschap het Geloofsverhaal, waarvan gehoopt wordt dat het een groot verhaal zal worden. Dat is nastrevenswaardig, omdat het mensen in een bezield verband kan ondersteunen en inspireren. Wil het geloofsverhaal een gedeeld verhaal worden, dan zal men zich wel moeten realiseren dat het grote verhaal binnen de heersende individualistische stroming in onze maatschappij geen vanzelfsprekende keuze is. Maar is de opdracht van het genootschap ook niet om – geheel in de geest van zijn grondlegger Jezus van Nazareth – tegenwicht te bieden aan de ‘goden van deez’ tijd’?

Commentaren

 

  • Met de essentie van bovenstaande blog ben ik het geheel eens. Ik heb echter moeite met de wijze waarop over een groot verhaal wordt geschreven. Ik voel me daarbij extra aangesproken, omdat ik laatst aan het eind van een lezing in Breda waarbij Hans Tiemersma aanwezig was pleitte voor een nieuw groot verhaal zonder uit te leggen wat ik daarmee bedoel. Ik ben dus een van degenen waar hij aan het begin naar verwijst. Ik vind het ‘geloofsverhaal’ van het Apostolisch Genootschap geen groot verhaal, eigenlijk helemaal geen verhaal. Ik vind het een geloofsverklaring zoals de katholieken de Apostolische Geloofsbelijdenis hebben, de Verenigde Naties de Verklaring van de rechten van de mens, de humanisten de Amsterdam Declaration en Karen Armstrong een Handvest voor Compassie formuleerde. Zo’n verklaring is overigens heel nuttig en waardevol.

    Met een groot verhaal bedoel ik ook niet het christendom of het communisme of liberalisme, zoals Hans stelt. Ik bedoel daar boeken mee zoals de Bijbel, de Koran en wellicht Das Kapital van Karl Marx. Dat zijn boeken die mensen een nieuw maatschappijbeeld gaven dat hun aansprak en inspireerde en die aan de wieg stonden van nieuwe bewegingen. Boeken die een nieuw maatschappijbeeld in historisch perspectief schetsen zijn de ook nu nog. Ik denk aan Sapiens van Yuval Noah Harari met als uitwerking daarvan Het Oerboek van de Mens van Karel van Schaik en Kai Michel. Ook het artikel ‘Zingeving in perspectief’ van de commissie Zingeving (http://www.vanoosbreestichting.nl/1210140/1393773/18-2_Zingeving_in_perspectief_1802A.PDF) is een bescheiden poging in die richting. Deze publicaties zijn echter te journalistiek of wetenschappelijk voor een groot verhaal. Bij een groot verhaal denk ik aan een boek dat uitgaat van die nieuwe inzichten en deze dan verwerkt in een verhaal dat de ontwikkeling van de mensheid laat zien op een wijze die mensen de hoop en inspiratie geeft om een ideaal na te streven dat menswaardig en duurzaam is.

    Genoemde grote verhalen hebben weliswaar vele miljoenen mensen geïnspireerd, maar ook vele miljoenen mensen het leven zuur gemaakt vanwege godsdienstoorlogen e.d. Daarom mag zo’n boek ook nooit meer heilig verklaard worden en is het individualisme dat Hans noemt een zegen. Iedereen moet vrij zijn uit zo’n boek te halen wat hem of haar aanspreekt. Het hoeft ook niet door één auteur geschreven te zijn; dat is de Bijbel ook niet. Het hoeft ook niet één boek te zijn. Belangrijk is dat het bij deze snel veranderende wereld van digitalisering en robotisering past. Mocht u zulke boeken al kennen, dan verneem ik het graag.

  • Blijven nadenken wat een verhaal te zeggen heeft is en blijft nodig. Grote verhalen zijn opgebouwd uit vele verhalen waar een gemeenschappelijke kern in zit en brengt je bij de kern waar echt om gaat. De kracht van verhalen is dat je verbind met wat is opgebracht in eeuwen wat Jezus al vertelde: Heb je naaste lief gelijk uw zelf. Elke tijdsperiode kent een ander context, ander woorden, andere voorbeelden die je verbinden aan dat verhaal. Zo wordt het een groot verhaal met lange lijnen naar je wortels. Jezus zijn verhaal greep terug naar de tijd er voor. Een verhaal van mens wording die ook vandaag gaande is. Niets in vanzelfsprekend. Elke keer opnieuw vraagt ontdekken door elke generatie. Een tijdovereenkomst verhaal slaat een brug naar je oorsprong van je geloof. Mijn kinderen en klein kinderen zullen andere verhalen vertellen die hetzelfde inzicht hebben. Het vraagt van mij dat ik anders ga kijken naar dat universele mens wordingsproces.

  • Met interesse heb ik de blog over ‘ het grote verhaal’ gelezen en mezelf afgevraagd wat voor mij de functie en de inhoud is van ‘het grote verhaal’.
    Het ‘grote verhaal’ voor mij is het diepe besef dat ieder mens uitdrukking is van een ontzagwekkend scheppend levensmysterie. Het besef dat mijn kleine leven onderdeel is van een groot evolutionair proces en dat ik, hoe miniem ook, daar invloed op uitoefen.
    Apostolisch-zijn, ons verhaal waarin ik mij thuisvoel, maakt voor mij deel uit van een universele wijsheid die gericht is op dit besef, waardoor vruchten als liefdevol leven, menswaardigheid, compassie, duurzaamheid enz., enz., zichtbaar worden in een levenshouding waarop voortgebouwd kan worden.

    Misschien een banaal voorbeeld:
    Aan het einde van het afgelopen schooljaar maakten we tweemaal de eindmusical van de basisschool mee van twee van onze kleinkinderen. De een in Leiden, de ander in Hazerswoude. Het bleek dezelfde musical te zijn, hetzelfde verhaal. De uitvoering ervan was boeiend doch totaal verschillend, maar de functie en de essentiële inhoud bleven dezelfde.
    Het verhaal werd anders verteld, anders ingevuld, maar het doel werd gehaald – een mooie afsluiting van de basisschoolperiode.
    De musical, de liedjes, laten we zeggen de rituelen waren nodig om het leven te vieren, elkaar het verhaal te vertellen.

    Ik voel me deel van een ‘beweging’, niet zo zeer van een afgebakend genootschap. Het is voor mij meer een expeditie die voorttrekt zoals heel vroeger eens werd gezongen in een cantate. Voor mij gaat het om het besef wie we zijn, menselijke uitdrukking van de ‘Bron van worden’ als basis van ons handelen.
    De functie van ‘het grote verhaal’ is om verbinding, inspiratie en hoop te geven aan de karavaan.

Met liefde bezien, kritisch besproken

J.H. van Oosbree (1862-1946)

Pagina’s

Verschenen blogs